Vrijdag 13 maart is het zover: dan viert Nationaal Zwemcentrum De Tongelreep de officiële opening. Vanaf dat moment kun je ook het recreatiebad, de entreehal en de horeca ontdekken. Een nieuwe generatie gaat hier ongetwijfeld mooie momenten beleven. Maar eerst blikken we nog even terug in de tijd met een paar prachtige oude herinneringen van onze lezers.
Door Marleen Baten:
Ik heb nog een foto van mijn kinderfeestje in 1986, toen ik 9 jaar werd. Wat een geweldige dag was dat! We waren zó dol op de twee buitenglijbanen, zoals je op de foto kunt zien. Daar hebben we eindeloos op gegleden, gelachen en plezier gemaakt. Het voelde alsof we de hele wereld aankonden.
Ik sta zelf in het midden, met naast me mijn lieve vriendinnetjes Karin Heemskerk en Elke Lubse. Wat waren we een hecht clubje!
Ik heb nog andere foto’s van mijn verjaardag: zoveel vrolijke gezichten, zoveel mooie herinneringen. Als ik ernaar kijk, hoor ik bijna weer het gelach en voel ik opnieuw hoe zorgeloos en bijzonder die tijd was.
Een verjaardag om nooit te vergeten!
Door Harrie van Hoof:
Zolang geleden lijkt het niet, maar het zal een halve eeuw geleden zijn dat ik regelmatig ging zwemmen in de Tongelreep. In de zomer dan, in het openluchtzwembad; ik had dan ook een openluchtabonnement. Op het grote grasveld legde ik mijn handdoek neer, om daarna met het embleem van diploma B op mijn zwembroek in het diepe te duiken. Ik zat in de 5e of 6e klas van de Nutsschool aan de Floralaan en kwam altijd klasgenoten tegen.
Mijn ouders waren pas gescheiden en sinds kort woonden we in Eindhoven. Vaak zat mijn vader, die ik thuis miste, op het terras; zodra de zon scheen, zocht hij het vakantiegevoel op. Op het grasveld trapten we een balletje. Ik had een passe-partout en maakte er voor een gulden of wat gretig gebruik van. Het was een supergezellige tijd. Mijn oom, net zo’n held als mijn vader, kon de verleiding ook niet weerstaan om de Tongelreep op te zoeken. Hij kon prachtig duiken en vervolgens de gehele lengte van het bad onder water afleggen.
Ik was er nooit alleen, omringd door familie en klasgenoten. Met de jongens en meisjes van mijn leeftijd gingen we om de beurt van de hoge duikplank - de een springend, de ander duikend - of we waren aan het waterpoloën. Als echte waterratten waren we bijna niet op het droge te vinden. De handdoek betekende het einde van het vermaak: afdrogen en naar huis fietsen. Op een dag stond bij het weggaan mijn fiets echter niet meer in de stalling. Gestolen. Een pijnlijk einde; de goede tijden waren voorbij.
Wij verhuisden naar het buitenland. Jaren later kwam ik terug, weer wonend in Stratum, inmiddels getrouwd en met kinderen. Ik ging op pad om weer eens te zwemmen in de Tongelreep. Het buitenbad was er niet meer, het binnenbad was die dag enkel voor wedstrijdzwemmers bestemd en alleen het golfslagbad was open. Baantjes trekken was niet mogelijk en voor de glijbanen en bubbels voelde ik me te oud. Teleurgesteld ging ik weer naar huis.
Nu is er een generatie die het golfslagbad mist, maar ik verlang nog altijd naar dat openluchtzwembad van toen.
Door Arnoud van Stiphout:
In de beginjaren van De Tongelreep was ik er eigenlijk dagelijks te vinden. Ons gezin met vijf kinderen had ieder jaar een nieuw passe-partout. Dat haalden we aan het begin van het seizoen op bij het Sportfondsenbad aan de Stratumsedijk, mét de nodige pasfoto’s. Daarna konden we de hele zomer onbeperkt in- en uitlopen bij De Tongelreep.
Als menneke van een jaar of 11 leegde ik - in overleg met de toenmalige directeur, de heer Reniers - ’s avonds na sluitingstijd de prullenmanden bij de baden en achter op de ligweide. Dat deed ik met een grappige maar vooral handige handkar, met twee grote hangende vuilnisemmers. Aan het eind van de week kreeg ik daarvoor een zakcentje.
Samen met mijn moeder ging ik doordeweeks bijna elke ochtend om 07.00 uur zwemmen, tot het einde van het seizoen. Het meest bizarre wat we meemaakten, gebeurde op een mistige dag eind oktober, misschien zelfs al in november. Je zag geen hand voor ogen. Het was bijzonder om in het 140-meterbad te zwemmen met een dikke laag mist boven het water. Plotseling klonk er een enorm kabaal en trok de mist weg. Tot onze verbazing hing er een helikopter laag boven het bad, klaar om te landen! Gelukkig ontdekte de piloot op tijd dat hij verkeerd zat; hij moest bij de Heliport aan de Boutenslaan zijn.
Ook herinner ik me nog een zondagmiddag waarop een gitzwarte wolk in hoog tempo vanaf de ligweide richting de zwembaden trok. Binnen enkele minuten vlogen parasols en tuinmeubilair door de lucht. Bezoekers renden naar de uitgang en zochten beschutting achter de muren van de kleedhokjes. Achteraf bleek het de windhoos te zijn die in die jaren over Eindhoven trok.
Door Corry Schoenmakers:
Wij hebben heel veel mooie herinneringen aan de Tongelreep. We hebben onze kleinkinderen daar watervrij gemaakt. Het was iedere keer een feest als we daar heen gingen. Onlangs heb ik nog een filmpje van foto’s op YouTube gezet: ‘
Henny en Corry met Teun en Loes in zwemparadijs 2007’. Voor wie nog even wil meegenieten van de sfeer van toen.Door Joke Reneman:
Iedere zondagochtend gingen we met vrienden naar de Tongelreep, waar ik als kind goede en leuke tijden heb beleefd. Dat wilden wij later uiteraard doorgeven onze dochter, zoals te zien op een foto uit 1987.
Door Sander Perquin:
Als tienerjongen ging ik weleens met mijn vriend Paul naar De Tongelreep. Ik kan me drie dingen heel goed herinneren:
In de gele glijbaan waren er regelmatig verstoppingen door kwajongens die midden in de glijbaan stil gingen zitten. Dat vond ik toen wel grappig, vooral toen we met zo’n tien kinderen achter elkaar als een treintje in de file zaten. Maar op een gegeven moment kwam er een volwassene die de opstopping niet had verwacht en met grote vaart door de glijbaan naar beneden suisde. Dat betekende al snel het einde van de blokkade…
In het buitenbad heb ik als tienerjongen een keer meegedaan aan een wekelijkse wedstrijdrace, georganiseerd door De Tongelreep zelf. Drie keer op rij deed ik er precies hetzelfde aantal seconden over om van bovenaan de glijbaan tot de bel te komen. Niet alleen ik, maar ook de medewerker van De Tongelreep die de wedstrijd begeleidde, was stomverbaasd: “Je gelooft het niet, maar je hebt nu voor de derde keer exact dezelfde tijd…” Een bijzonder moment dat ik niet snel zal vergeten!
Als je over het pad langs de gele glijbaan liep, kon je onder de glijbaan een lege ruimte zien. Rond 2011 heb ik daar heel stiekem een leeg plastic frisdrankflesje neergezet. Je gelooft het niet, maar toen ik een jaar later terugkwam, stond het flesje er nog steeds! Daar kon ik wel om lachen.
Door Tonnie Bakker-Geraets:
Ik heb hele leuke herinneringen aan de Tongelreep. Zodra het enigszins mogelijk was, gingen wij als familie – met acht kinderen en hun partners, plus nog eens vijftien kleinkinderen – in de zomermaanden regelmatig op zondag met z’n allen naar de Tongelreep. Gepakt en gezakt, met volle koeltassen, genoten we van elkaar en van het oh zo gezellige zwembad.
Iets wat nu nog altijd op feestjes ter sprake komt, is dat een van mijn broers altijd een enorm gevulde koeltas meenam: zakken broodjes, blikken knakworst, tubes mayonaise, curry en nog veel meer. Geweldig om aan terug te denken, zeker omdat we intussen al drie zusjes en een broer hebben verloren. Dan worden deze herinneringen des te dierbaarder.
Chloor en Zoute Friet
Voormalig stadsdichter Iris Penning schreef in 2016, als ode aan de oude Tongelreep, het gedicht ‘Chloor en Zoute Friet’. Je kunt het lezen in haar bundel ‘Sta ik hier een trui te passen tussen alle stropdassen’. Bovendien draagt ze het zelf voor in een
filmpje op YouTube.