Een brandende fakkel, een dikke 620 kilometer, en een missie die verder gaat dan sport. Twaalf wielrenners uit Eindhoven en omgeving maken zich zondagochtend 14 september in alle vroegte op voor de jaarlijkse tocht naar Bayeux, beter bekend als de Freedom Ride. Met een brandende fakkel onder het zadel brengen de renners een eerbetoon aan de vrijheid.

Door Rob Weekers

De renners zijn aanwezig bij de herdenkingsfestiviteiten in de Normandische stad die als eerste van Frankrijk tijdens de Tweede Wereldoorlog werd bevrijd. In hun kielzog een team aan begeleiders dat ervoor moet zorgen dat de rit soepel verloopt. Belangrijker nog is de terugreis terug naar Eindhoven. Voornaamste doel van de deelnemers aan de Freedom Ride (onder de vleugels van Stichting 18 September) is om de brandende fakkel, die met behulp van een herdenkingsvuur in Bayeux is aangestoken, naar Eindhoven te brengen. Zij krijgen daarbij hulp van een zestal Franse collega’s die de groep vergezelt op de terugreis.

Valkuilen

Het vuur brandend houden lijkt makkelijker gezegd dan gedaan, want er liggen nogal wat potentiële valkuilen als harde wind en hoosbuien op de loer. De verrichtingen van de renners worden dan ook nauwlettend in de gaten gehouden door een team begeleiders dat in de ploegleiderswagen een plek vindt. En met als back-up het zogeheten ‘moedervuur’, dat brandend wordt gehouden in wat de Fakkelbus wordt genoemd, moet het lukken om op 18 september de fakkelceremonie op het Stadhuisplein luister bij te zetten.

Ton Klijs (75), chef d’équipe van de Freedom Ride, beschouwt de fakkel zo’n beetje als ‘heilig vuur’. Voor de 25e keer brengt de krasse Eindhovenaar als patron van de Freedom Ride een bezoek aan Bayeux, waar hij in 2021 werd uitgeroepen tot ereburger van de stad. Aan stoppen denkt Ton voorlopig nog niet. “Ik houd het nog wel een tijdje vol, hoor.” Een opvolger heeft hij al in gedachte: zoon Twan loopt alvast warm om het stokje van zijn vader over te nemen.

Estafette

“Wat er ook gebeurt, het vuur móet blijven branden”, zegt Ton stellig. Daar is dan ook alle reden voor. Het ontstoken Eindhovense bevrijdingsvuur wordt na de fakkelceremonie op het Stadhuisplein in de nacht van 18 september overgebracht naar de St. Catharinakerk waar het een plek krijgt om te ‘overwinteren’. Op de avond van 4 mei wordt het Eindhovens bevrijdingsvuur vervolgens gebruikt in Wageningen om daar het nationale bevrijdingsvuur te ontsteken, dat daarna door hardlopers naar honderden steden en dorpen wordt gebracht. “En daarmee mogen we ons met recht dé Lichtstad noemen”, zegt Ton met gepaste trots in zijn huis in Meerhoven waar ook Robin Verbeek (29) en Ramon Setz (19) zijn aangeschoven. Robin en Ramon zijn lid van wielervereniging TML Dommeldal en gaan komende weekeind voor de achtste en vijfde keer mee naar Bayeux.

Verse fakkels

Het ziet er op het eerste gezicht een beetje koddig uit: een wielrenfiets waar onder het zadel een brandende fakkel is bevestigd. Niettemin rijden de deelnemers, ze wisselen elkaar per toerbeurt af, er trots mee rond over de Franse, Belgische en Nederlandse wegen. In het zogeheten Fakkelbusje, achter de ploegleiderswagen, houdt begeleider Bert Heerings de zaak scherp in de gaten, en zorgt voor ‘verse fakkels’. Bert houdt het vuurtje brandend, maar zorgt er ook voor dat de renners onderweg worden voorzien van eten en drinken. “Bert zorgt altijd voor de vrolijke noot”, weten Ramon en Robin.

Hoewel er onderweg genoeg te zien valt, moeten de wielrenners behoorlijk aan de bak. Met een schema dat een gemiddelde van 35 kilometer per uur aantikt, is de tocht heen en weer naar Normandië er een voor de geoefende renner. Dat beaamt ook Robin, die sinds enkele weken extra trainingsrondjes maakt. “Bayeux is voor mij dé stok achter de deur om zo fit mogelijk te zijn.”

Dat is voor Ramon, die in blakende vorm verkeert, niet nodig. De jonge wielrenner is een van de troefkaarten die de Nederlandse delegatie hoopt uit te spelen tijdens een wielerwedstrijd in Bayeux waar Franse en Nederlandse renners het tegen elkaar opnemen. “Een prestigestrijd”, weet Ton na al die jaren. Ramon: “Vorig jaar was ik iets te gretig en ging ik veel te snel op kop rijden, deze keer ga ik het iets tactischer aanpakken.” Robin: “Ik geef hem een goede kans.”

Traditie

Wat uitgroeide tot een jaarlijkse traditie die terugvoert tot 1946 is de Freedom Ride méér dan zomaar een wielertocht, weet Ton Klijsen als geen ander. Het begon als een sportieve uitdaging en is nu een rit vol betekenis, een jaarlijkse traditie waarin herinnering, vrijheid en verbondenheid samenkomen. Met elke trap richting Bayeux en terug naar Eindhoven dragen de deelnemers niet alleen een fakkel, maar ook een boodschap: dat vrijheid nooit vanzelfsprekend is, en dat herdenken ons verbindt over generaties heen. Ton: ”Met name de offers die voor onze vrijheid zijn gebracht beklijven en maken de ceremonies en defilés extra indrukwekkend.”

Scholieren

Vanaf 1952 reizen er ook Eindhovense middelbare scholieren mee naar Bayeux. De scholieren draaien een educatief programma in Normandië rondom het thema ‘Vrijheid’, een programma dat de wielrenners ook volgen. Leerlingen van het Van Maerlantlyceum, het Augustinianum, Aloyisius De Roosten, en het Taalbrug College nemen tijdens hun bezoek aan Normandië deel aan de diverse herdenkingsplechtigheden, bezoeken de stranden waar tijdens D-Day heftig is gevochten, en bekijken musea en oorlogskerkhoven. ”Die eindeloze rijen aan oorlogsgraven blijven me steeds raken”, zegt Robin. “Zeker als je ziet dat veel van die jongens op jonge leeftijd zijn gestorven. Voor heel wat scholieren is dat best confronterend, maar het is de beste geschiedenisles die je wensen kan.” Ramon spreekt van ’kippenvelmomenten’.

Voor Ton zijn de trips naar Bayeux telkens weer een mooie mix van herdenken en het vieren van de vrijheid, maar ook van het genieten van de sportieve prestaties en de onderlinge kameraadschap. Een van de hoogtepunten is de terugkomst op 18 september waar de renners na het passeren van de grens gezelschap krijgen van een groep hardlopers, én worden begeleid door een stoet van oudere legervoertuigen. Maritha, de vrouw van Ton, is al een kwart eeuw van vaste waarde op 18 september als de Eindhovense groep wielrenners zich in Borkel en Schaft weer op Nederlands grondgebied begeeft. Voor de hongerige renners heeft Maritha steevast tassen vol met belegde broodjes paraat. “Die gaan er altijd wel in”, lacht Robin. Ramon: “Wielrenners hebben altijd honger, hè”.