Snollebollekes, Django Wagner, René Schuurmans en Jan Biggel: overal in Nederland laten ze feesttenten en kroegen op hun grondvesten schudden. Maar de basis van dat gigantische succes ligt gewoon in Eindhoven. Daar bouwde Adrie van den Berk (66) met Berk Music een muziekimperium op dat al bijna dertig jaar de ene na de andere feesthit aflevert. Een platenbaas en artiestenmanager met een neus voor succes, een groot hart voor zijn artiesten én een onverminderde liefde voor gezelligheid.
Door Marjolein van Hoof
”Mijn passie is van kinds af aan al muziek en gezelligheid”, vertelt Adrie van den Berk. ”Als achtjarige was ik de enige van de drie kinderen die wél met ons vader mee wilde naar de kroeg. Daarin is niets veranderd”, lacht hij.
In veel opzichten lijkt Adrie op zijn vader Jan, die accordeon speelde, feesten organiseerde en een carnavalsvereniging oprichtte. Bovendien opende hij in 1971 een eerste platenzaak in Best. Adrie was elf. ”Ik herinner me het nog goed: ik mocht niet mee, want ik kreeg geen vrij van school.” Enkele jaren later volgde een tweede winkel aan de Woenselse Markt in Eindhoven.
Stratumseind
Al op jonge leeftijd hielp Adrie mee in de zaken en vanaf zijn vijftiende stond hij achter de draaitafels in Best, Eindhoven en Son waar hij inmiddels al 45 jaar woont. ”Ik was niet zo’n prater, maar ik kon platen goed aan elkaar draaien en sfeer maken.”
Toen een medewerkster van de platenzaak uitviel, greep hij zijn kans. ”Ik zei tegen ons vader: laat mij maar werken, dit is mijn ding.” Vanaf zijn zeventiende leidde hij feitelijk de winkels. Zijn vader richtte zich op evenementen en artiestenbegeleiding. Grote namen als Pierre Kartner (alias Vader Abraham) en Peter Koelewijn kwamen over de vloer. ”Die kwamen zelfs langs om te vragen wat mijn vader van hun nieuwe nummers vond.”
Adrie wist van de platenzaak een succes te maken, met name door Stratumseind. Terwijl zijn vader zich voornamelijk op Nederlandstalige muziek richtte, zag Adrie dat dj’s behoefte hadden aan andere platen. Hij ging maxi-singles verkopen en bouwde een uitgebreid netwerk op in de Eindhovense horeca. Toen een aantal kasteleins naar Spanje vertrok om daar zaken te beginnen, zorgde Adrie dat de nieuwste muziek hun kant op kwam. ”Dan bracht ik op maandagochtend de platen naar de bussen van Solmar.”
Via die lijntjes kon hij exclusieve importplaten bemachtigen. Al snel kwamen dj’s van heinde en verre speciaal naar Eindhoven om hun platen te scoren.
Neus voor hits
Toch had Adrie nooit de expliciete ambitie om een groot muziekbedrijf op te bouwen. ”Als iemand dat vroeger had gezegd, had ik hem niet geloofd. Het is zo gelopen.”
Toen feestmuziek uit de hitlijsten dreigde te verdwijnen, besloot hij zelf platen uit te brengen. Met succes. Met Knockin’ van Double Vision scoorde hij een gigantische internationale hit - ”Er zijn miljoenen exemplaren van verkocht” - terwijl zijn eerste Nederlandstalige opname Hela Holala van De Blaoskaken uit Son was.
Daarna volgden feestklassiekers als Anton aus Tirol, Stil aan de overkant en Liberté. Ook vernieuwde hij door een stevige beat onder bestaande nummers te zetten, zoals bij Verdomd alleen van Het Feestteam. ”Toen werden we erom uitgelachen, nu doet iedereen het. Ik heb dat in die periode wel een beetje uitgevonden.” Wat begon als stimulans voor de platenverkoop, groeide uit tot Berk Music: zijn eigen, succesvolle label.
Eigen koers
De eerste grote successen kwamen met René Schuurmans, De Zware Jongens en Gebroeders Ko, later gevolgd door onder anderen Ferry de Lits en Django Wagner.
”De boekingsbureaus zagen mijn artiesten in het begin niet zitten. Nu rollen ze over elkaar heen om ze te krijgen.” Omdat hij destijds nergens gehoor kreeg, richtte hij zelf maar een boekingsbureau op.
Wat maakt een artiest volgens hem succesvol? ”Charisma. Je moet iets hebben waardoor mensen naar je blijven kijken.” Dat zag hij meteen bij Jan Biggel. ”Toen hij binnenkwam, dacht ik: die valt op. Je kunt hem mooi of lelijk vinden, maar er kómt wel iemand binnen.”
Minstens zo belangrijk is de persoonlijke klik. ”Met iemand met wie ik samenwerk, moet ik ook een pilske kunnen drinken. Het gaat niet om dat bier, maar om de gezelligheid. Het moet niet enkel zakelijk zijn.”
Uitverkocht GelreDome
Het bekendste succesverhaal is ongetwijfeld Snollebollekes. Met Rob Kemps groeide een feestact uit tot een fenomeen dat zelfs het GelreDome uitverkocht. De eerste kaartverkoop staat Adrie nog helder voor de geest.
”We dachten: als we tienduizend kaarten verkopen, zijn we tevreden. Na een uur kreeg ik een telefoontje dat er al 22.000 waren verkocht.” Uiteindelijk volgden vier shows in één weekend, goed voor bijna honderdduizend bezoekers.
Eindhovens trots?
Hoewel Berk Music vanuit Eindhoven een indrukwekkend imperium opbouwde, vindt Adrie dat de stad daar soms te weinig oog voor heeft. ”Als je ziet wat wij van hieruit hebben neergezet... Er is eigenlijk nooit iemand van de gemeente of stad geweest die zei: zullen we eens kijken wat we samen kunnen doen?”
Dat schuurt soms, bijvoorbeeld tijdens de kampioensfeesten van zijn geliefde PSV. ”Houdoe en bedankt en Eens per jaar wordt PSV kampioen: die nummers komen allemaal bij ons vandaan. Maar we moeten nog altijd vechten voor een plekje op het podium. En dan draaien ze daar wel Hollandse hits die van boven de rivieren komen. Daar kan ik echt slecht tegen”, zegt hij.
”Of neem het concert Brabantse Vrienden in het PSV-stadion. Met veel moeite hebben we René Schuurmans en Django Wagner erbij gekregen, maar verder kwam bijna alles uit Amsterdam. Waarom haal je niet veel meer artiesten uit de eigen regio?”
Zijn liefde voor PSV lijdt er overigens niet onder. ”Als ik met mijn vrienden naar het stadion ga, is me dat net zo heilig als mijn werk met de artiesten.”
Nog lang niet uitgefeest
Inmiddels heeft Adrie het boekingsbureau overgedragen aan zijn neef Gino, die al elf jaar bij Berk Music werkt. Zelf richt hij zich weer op zijn grootste passie: muziek maken en artiesten begeleiden.
Zo staat er een zakelijke samenwerking met Jan Smit op stapel. Adrie herkent veel in de Volendamse mentaliteit. ”Ik zeg altijd: jullie zijn palingboeren en wij zijn varkensboeren, maar in Volendam heerst exact dezelfde saamhorigheid als in Brabant.”
Aan pensioen denkt hij nog lang niet. ”Ik blijf dit doen zolang ik het leuk vind.” Volgend jaar bestaat Berk Music dertig jaar. Hoe dat gevierd wordt, weet hij nog niet, maar: ”We maken er altijd wel een feestje van.”
Uiteindelijk zit zijn grootste geluk trouwens niet in de gouden platen of uitverkochte stadions. ”Ik ben het meest trots op mijn lekkere leven met mijn vrouw Marjo, ons sterke team en de goede vrienden die ik al van jongs af aan ken. Dáár geniet ik pas echt van.”
