Verkeerslichten, ook wel stoplichten genoemd, zijn niet meer uit het straatbeeld weg te denken. Het zou een totale chaos worden als deze automatische verkeersregelaars er niet zouden zijn. Met het toenemende autoverkeer en de explosieve toename van het autobezit en -gebruik is hun aantal sterk toegenomen.
In de jaren twintig waren verkeerslichten een noviteit. Eindhoven, dat zich toen sterk afficheerde als ‘Lichtstad’, plaatste zo’n verkeerslicht als proef op de kruising van Kerkstraat-Grote Berg met Keizersgracht. Het op de foto getoonde verkeerslicht heeft aan alle vier de zijden lichten en één luidruchtige bel, die voor rood licht stoppen moest stimuleren, maar na klachten van buurtbewoners uit werd gezet. We staan hier in de Grote Berg en kijken de Kerkstraat in. De toren van de synagoge, de synagoge zelf en de huizen links in de Kerkstraat zijn afgebroken, omdat de Kerkstraat na de oorlog breder moest worden voor alweer het autoverkeer.
Op de foto zijn het vooral de fietsers die het straatbeeld hier bepalen. De man in het midden met een witte helm en witte mouwbedekkingen is een verkeersagent op weg naar zijn standplaats elders in Eindhoven, om daar het verkeer te gaan regelen. Het verkeerslicht hier maakte zijn werk overbodig.
Dit is een bijdrage van Eindhoven in Beeld.
