Unne Beste Mensch, dat is hij zeker. Want als er iemand veel voor het Lampegats carnaval heeft gedaan én nog altijd doet, dan is het Henri Frijters (64). Tegenwoordig niet alleen als De Urste Burger van Ouw Eynthoven, maar ook voor de commissie Evenementen van de SFEC. “Een complete verrassing”, noemt hij zijn benoeming tot D’n Beste Mensch van Eindhoven. Voor iedereen die hem kent, is het niet meer dan logisch. Henri: een verbinder met oog voor traditie en een groot carnavalshart.
Door Marjolein van Hoof
Dat carnaval een grote rol speelt in huize Frijters is een understatement. Niet alleen Henri wordt voor al zijn activiteiten in het zonnetje gezet, zijn vrouw Jolande is benoemd tot ‘t Goei Vrouwke van 2026. “Dat vind ik wel heel erg leuk”, knikt Henri tevreden. Bovendien is dochter Tamara een van de Lampegatse Karakters in de functie van Chef de Protocol.
Hoe het begon
Henri en Jolande wonen in het Belgische Pelt, maar hun roots liggen in Eindhoven. Henri’s wieg stond in de Houtstraat dichtbij het centrum. “Mijn ouders namen me als jong menneke mee naar CV De Harlekino’s aan de Kruisstraat”, herinnert hij zich. “En we gingen altijd naar de optocht.” Foto’s uit die tijd tonen een jonge Henri in boerenkieletje en petje. “Dat was toen standaard”, grinnikt hij.
Als tiener stond Henri niet vóór, maar achter de bar. “Ik werkte met carnaval altijd in het café van oom Kees: Zaal De Harmonie in Valkenswaard.” Hoe anders is dat nu. Henri staat midden in de Lampegatse carnavalswereld. Zo is hij lid van De Scheerkwasten, De Lichtstadnarren, De Dommelkanters én d’Haone.
Manusje-van-alles
Maar de echte liefde voor carnaval begon in 1986 als lid van CV De Blauwbuiken, waar hij in 1992 Prins werd. Enkele jaren later, in 1995, sloot hij zich aan bij CV De Lichtstadnarren, waar hij in 1999 opnieuw Prins werd. “Aan het einde van mijn prinsenjaar ben ik Boerenbruidspaar geweest in Lampegat”, zegt hij tussen neus en lippen door. Bij De Lichtstadnarren was Henri bestuurslid, voorzitter, manusje-van-alles én maar liefst 17 jaar lang spreekstalmeester.
Verenigingen
Zijn tomeloze energie viel ook op bij Jan van Gorp en Frans Bongers van de SFEC. “Zij zeiden: we kunnen wel iemand gebruiken voor de commissie Evenementen. Ik wilde dat wel doen, maar dan vooral om de drempel te verlagen tussen de federatie en de verenigingen. Ik weet tenslotte wat er bij de verenigingen speelt en ik weet ook dat niet iedereen voor zijn mening durft uit te komen. Als er een vergadering is, wordt er vaak niks gezegd en pas na afloop aan de bar wordt er echt vergaderd.”
Verbroedering
Sinds 2018 is Henri binnen de Evenementencommissie verantwoordelijk voor de verenigingen. Hij heeft ervoor gezorgd dat de bezoeken van de federatie aan de verenigingen persoonlijker en langer zijn dan vroeger. Bovendien zet Henri zich in voor verbroedering tussen de verenigingen onderling. “Hun bezoekersaantallen daalden, dus hebben Ronnie van de Graaf en ik bedacht om één agenda te maken in Lampegat zodat evenementen beter op elkaar afgestemd worden. In de hoop dat de verenigingen voldoende bezoekers hebben.”
Urste Burger
Sinds 2019 vervult Henri een van de meest zichtbare rollen binnen het Lampegatse carnaval: die van d’n Urste Burger van Ouw Eynthoven. Een stokje dat hij destijds overnam van Peter van Luijtelaar. “Uiteraard na overleg met mijn vrouw Jolande. Wij zijn altijd met z’n tweeën. Ik sta dan wel op de voorgrond, maar zij zit steevast in de zaal.”
Zijn taken als Urste Burger zijn veelzijdig. Zo reikt hij Ridders uit en de GFO’s (Grote Federatie Onderscheiding) als eerbetoon aan de vrijwilligers. Hij verbindt het Boerenbruidspaar in het onecht, installeert de Stadsprins of -prinses, presenteert het Prinsenontbijt en begeleidt het prinselijk gezelschap tijdens de vele bezoeken. Samen met de andere Lampegatse Karakters – Chef de Protocol, d’n Veldwachter, De Assessor en de Hoftapper – zorgt hij dat alles soepel verloopt.
Eigen zwier
Als Urste Burger ziet Henri zichzelf als spreekbuis van de federatie. Traditie speelt daarbij een centrale rol. “Dat moet correct gebeuren. Geen flauwekul. Kort en bondig, maar wel zoals het hoort.”
Dat geldt bij de sleuteloverdracht, installatie en zeker bij het uitreiken van onderscheidingen. “Ik geef er altijd een eigen zwier aan en ja, dan ga ik wel voor de tranentrekkers. Voor veel vrijwilligers is het een belangrijk moment en als de tranen dan over de wangen rollen, dan denk ik: ik heb mijn doel bereikt. Dat is mooi om te doen, zeker omdat deze mensen achter de schermen zoveel werk verrichten. Zij worden vaak vergeten, en dat vind ik heel erg jammer.”
Om niet te vergeten
In het drukke carnavalsprogramma zijn er momenten die hem elk jaar opnieuw raken. Bezoeken aan bejaardenhuizen bijvoorbeeld. “De reacties van ouderen op de Stadsprins zijn prachtig. Iets wat ik nooit meer vergeet, is ons bezoek aan Gagelbosch. Daar hadden ze een dansmarietjesgroep: een club bejaarden met rollators. Fantastisch! Net als de dansmarietjes op Eckartdal waar we elk jaar heen gaan. Het is geweldig dat mensen met een beperking zoveel lol beleven aan carnaval.” Ook kindercarnaval en de optocht geven hem energie. “Al die kleine smurfen met zoveel plezier, dat is prachtig.”
Extra speciaal was voor hem het jaar dat Rosa van den Nieuwenhof de eerste Stadsprinses van Lampegat was. “In het begin was er veel negativiteit: de Stadsprins moet een man zijn. Rosa heeft iedereen weten te overtuigen van het tegendeel. En ook het gevolg om haar heen: wat een geweldige enthousiaste groep!”
Passend getal
Als het aan hem ligt, blijft hij nog maximaal vier jaar Urste Burger. “Dan heb ik het elf jaar gedaan, een mooi passend getal. Op een gegeven moment moet je ruimte maken voor een jongere generatie. Alleen ben ik bang dat het niet voor iedereen is weggelegd, als je ziet wat we allemaal doen. Veel mensen denken dat carnaval maar een paar dagen duurt, maar bij ons begint het al in oktober en loopt het door tot eind maart.”
Hele eer
Dat hij nu gekozen is tot Beste Mensch vindt Henri vooral ‘een hele eer’. “Ik had het nooit verwacht! Carnaval is verbroedering. Wat ik vooral leuk vind, is mensen met elkaar in contact brengen. Als een soort schakel. Zeggen: dat kan ik voor jou regelen, ik breng je in contact met die. Als ik iets organiseer, dan doe ik dat uit passie en plezier. Daar hoef ik geen veren voor in mijn achterwerk, een bedankje is meer dan genoeg. Nu blijkt dat het door anderen zo gewaardeerd wordt, ja, dat vind ik natuurlijk wel heel bijzonder!”
Goei vrouwke!
Net als haar wederhelft is Jolande Frijters een bezig baasje en al jarenlang een vertrouwd gezicht binnen Lampegat.
Sinds 2018 is zij actief bij de SFEC, waar ze onder andere de merchandising verzorgt, SFEC-sjaals verkoopt en Deurdokkers op de sjaals naait.
Daarvoor was Jolande actief bij De Lichtstadnarren, waar ze zich inzette voor de kindermiddagen, reepmiddag, kaartverkoop, drukwerk, social media-reclame en de carnavalskrant.
Van 1998 tot 2012 was zij lid van CV De Harlekino’s, waar ze meewerkte aan zaalversiering, kindermiddagen, posters en de website.
Een echte duizendpoot en terecht gekozen tot ‘t Goei Vrouwke van 2026!
