Het is even zoeken naar het juiste huisnummer, maar gelukkig zie je een voormalige school op de Kronehoefstraat niet zo vlug over het hoofd en dat is de locatie waarnaar ik op zoek ben. Sinds kort is dit namelijk het onderkomen van een vriendinnenclub die iedere maandag bij elkaar komt. Een van hen is Martine (97). Een krasse, goedlachse dame met het hart op de tong. “Ik ben iedere dag blij dat ik er nog ben.” (Door Dorothée Foole)
EINDHOVEN - Het leven van Martine in een notendop weergeven is geen gemakkelijke opgave. “Ik ben geboren op de Grote Berg in Eindhoven en ik had drie broers en drie zussen. We hadden het thuis niet breed. Mijn vader werkte bij de gemeente en was veel ziek. Voordat ik als kind naar school ging had ik al een pan met aardappelen geschild en groente schoongemaakt. Iedere dag aten we stamppot met een klont boter. Vlees was te duur. De nonnen op school wilden dat ik naar de middelbare school ging, maar mijn ouders kozen voor de huishoudschool.”
Martine trouwde twee keer en kreeg drie dochters. “Mijn tweede dochter werd getroffen door hersenvliesontsteking en raakte gehandicapt. Ik heb ze 25 jaar thuis verzorgd. Ze is nu 70. Mijn oudste dochter kreeg twee jaar geleden een hersenbloeding, gelukkig is mijn jongste dochter goed gezond.” Inmiddels is Martine 32 jaar weduwe. Haar grote hobby is breien. “Als vierjarige kon ik al breien. Je kunt wel stellen dat ik in al die jaren de wereld rond gebreid heb,” lacht ze. “En heel veel voor goede doelen, zoals onlangs nog voor de Parkinson Stichting. Mijn schoonzoon heeft die ziekte, vandaar.”
De vriendinnenclub waarvan Martine deel uitmaakt ondersteunt de Stichting Ik Wil. Op maandag wordt er niet alleen gezellig gekletst en koffie gedronken. Het gezelschap bestaat ook uit een aantal buitenlandse vrouwen, vluchtelingen, die onze taal nog niet goed beheersen. Spelenderwijs wordt deze vrouwen de Nederlandse taal bijgebracht, ze worden op de hoogte gebracht van onze zeden en gebruiken en ze leren haken en breien. Martine: “Het zijn zulke lieve vrouwen, ik ben blij dat ik nog iets voor hen kan betekenen.”
