Foto:

Pijnboom

Bioloog en eigenaar van Tuincentrum Soontiëns, Jeroen Soontiëns, beantwoordt een tuinvraag van onze lezers. Deze week de vraag van mevrouw Alberts:

Ik heb vorig jaar zaden van pijnbomen geplant die ik gevonden heb op militaire begraafplaatsen in Italië. Ze groeien goed, maar sommige beginnen hars te verliezen aan de knoppen. Wat kan ik hier aan doen?

Antwoord:
Ontzettend leuk dat het u gelukt is om de zaden van deze den te laten kiemen en groeien. Gezien waar u de zaden heeft verzameld denk ik dat het om plantjes van de parasolden (Pinus pinea) gaat. Dit is een van de soorten dennen waarvan ook de pijnboompitten worden geoogst. Het vrijkomen van hars is een teken dat de boompjes zich verweren tegen een aantasting, hoewel er op de door u meegestuurde foto’s ogenschijnlijk niets te zien is.

Mogelijke aantasters zijn diverse luizensoorten. Een specialist onder de luizen, die op dennen leeft is de wollige dennenluis. De wetenschappelijke naam van deze luis lijkt wel heel erg op de naam van de parasolden: Pineus pini, en geeft de specialisatie op zijn gastheer (de Pinus) goed weer. De luizen zien eruit als zwarte dopjes en kunnen zowel op de naalden als takken leven. Bestrijden is lastig en kan bijvoorbeeld worden gedaan met het middel Promanal tegen hardnekkige luizensoorten. Het versterken van de gezondheid van de boompjes werkt nog beter. Gebruik hiervoor een beetje humuscompost in combinatie met een wortelstimulator.

De parasolden is rondom de Middenlandse zee veelvuldig aangeplant en groeit van nature in een strook langs de kust. In Nederland is deze soort ook prima te gebruiken als wintergroene boom in de tuin. De kroon kan weliswaar heel breed worden (tot wel 15 meter), maar voor een middelgrote tuin is de parasolden ook heel goed te houden. Voor de dennenkegels met pijnboompitten moet u wel een jaar of tien geduld hebben.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden